Disclaimer

De informatie in dit onderdeel vormt geen bekendmaking in de zin van de Gemeentewet of de Algemene wet bestuursrecht. Alleen publicatie in Huis aan Huis, onder de kop Gemeentenieuws Oldebroek, heeft een officieel karakter.

U vindt onderstaand de geldende Algemeen Verbindende Voorschriften (verordeningen) en beleidsregels van de gemeente Oldebroek. In het onderdeel 'Concept regelgeving' vindt u de nog niet vastgestelde versies. Deze concept versies worden gebruikt tijdens de besluitvorming en hebben uitsluitend een informatief doel.

Zoeken in regelgeving

            

Verordening brandveiligheid en hulpverlening

Voor deze verordening versie is geen samenvatting ingevoerd.

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie Gemeente Oldebroek
Vastgesteld door college van burgemeester en wethouders
Officiële naam van de regeling Verordening brandveiligheid en hulpverlening
Citeertitel van de regeling Verordening brandveiligheid en hulpverlening
Onderwerp openbare orde en veiligheid
Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Geen.
Opmerkingen m.b.t. de regeling Geen.
Betreft (aard van de wijziging) nieuwe regeling
Datum uitwerkingtreding 01-10-2010
Datum inwerkingtreding 28-06-2006
Terugwerkende kracht (t/m)
Datum ondertekening 12-06-2006
Bron bekendmaking Huis aan Huis, 20-06-2006
Kenmerk voorstel AVV

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Brandweerwet 1985, art. 1, tweede lid
  2. Brandweerwet 1985, art. 12
  3. Woningwet, art. 8, tweede lid
  4. wet Milieubeheer, art. 8.11, derde lid
  5. wet Milieubeheer, art. 8.40
  6. Gemeentewet, art. 149

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Datum uitwerkingtreding Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
28-06-2006 01-10-2010 nieuwe regeling 12-06-2006
Huis aan Huis, 20-06-2006
AVV

 

Het college van de gemeente Oldebroek;

 

overwegende dat:

 

het college de zorg heeft voor:

  1. a.het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;

  2. b.het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand;

de uitvoering van werkzaamheden ter zake van het beperken en bestrijden van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de Wet Rampen en Zware Ongevallen (WRZO) tot de taak van de brandweer behoort;

 

het college andere werkzaamheden, dan hierboven bedoeld, kunnen aanwijzen die de gemeentelijke brandweer verricht;

 

de Brandbeveiligingsverordening voorschriften bevat omtrent het gebruik en inrichtingen voor zover dit geen bouwwerken zijn als bedoeld in de Woningwet en de Bouwverordening;

 

de Bouwverordening voorschriften bevat omtrent het gebruik van woningen, woonketen, woonwagens, andere gebouwen, bouwwerken geen gebouw zijnde, en standplaatsen, waaronder in elk geval zijn begrepen voorschriften met betrekking tot onder meer brandveiligheid;

 

de Wet milieubeheer beoogt het milieu te beschermen, onder meer door de brandveiligheid te bevorderen;

 

de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) bepalingen bevat ter bescherming van de openbare orde en bescherming van het milieu, waaronder de brandveiligheid;

 

het wenselijk is de voorzieningen voor brandveiligheid en hulpverlening in samenhang te tref-fen;

 

gelet op artikel 1, tweede lid, en artikel 12 van de Brandweerwet 1985, artikel 8, tweede lid van de Woningwet artikel 8.11, derde lid, en 8.40 van de wet Milieubeheer en artikel 149 van de Gemeentewet

 

B E S L U I T:

 

 

vast te stellen de :

 

VERORDENING BRANDVEILIGHEID EN HULPVERLENING

Artikel 1         Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

1.

Veiligheidsketen:

De taken en werkzaamheden van de brandweer die zijn gericht op de brandweerzorg en rampenbestrijding, waarbij de volgende fasen worden onderscheiden: pro-actie, preventie, preparatie, repressie en nazorg

a.

Pro-actie: is het structureel voorkomen van onveiligheid, onder andere door vanuit veiligheidsoptiek invloed uit te oefenen op het maken van ruimtelijke plannen;

b.

Preventie: is het voorkomen van directe oorzaken van onveiligheid en het beperken van de gevolgen ervan door het doorvoeren van preventieve maatregelen in een bepaald gebied, onder andere door aan vergunningen voorwaarden te verbinden met het oog op veiligheid;

c.

Preparatie: is het daadwerkelijk voorbereiden op de bestrijding van mogelijke aantasting van de veiligheid, onder andere door het opstellen van en het oefenen met aanvals- en rampenplannen;

d.

Repressie: is het bestrijden van onveiligheid en het verlenen van hulp in acute noodsituaties door de daadwerkelijke inzet van hulpverleningsdiensten;

e.

Nazorg: is alles wat nodig is om zo snel mogelijk terug te keren naar de normale verhoudingen, onder andere door de opvang van slachtoffers en hulp bij de afwikkeling van schadeclaims en het uitvoeren van evaluaties.

2.

Gemeentelijk Beleidsplan Brandweer en Rampenbestrijding

Het vierjaarlijks door het college vast te stellen plan waarin de kaders voor de uitgangspunten van beleid en bedrijfsvoering van de gemeentelijke brandweerorganisatie worden vastgelegd.

Artikel 2         Gemeentelijke brandweer

  1. a.Het college beschikt over een gemeentelijke brandweer.

  2. b.Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de commandant brandweer zijn conform artikel 8 van deze verordening vastgelegd in het besluit “Instructie commandant gemeentelijke brandweer Oldebroek”.

Artikel 3         Taken gemeentelijke brandweer

1

De taken van de gemeentelijke brandweer bestaan, behoudens de in artikel 5 aan de regionale brandweer opgedragen taken, in hoofdlijnen uit:

 

ten aanzien van pro-actie:

 

 

het adviseren bij ruimtelijke en verkeerskundige ontwikkelingen binnen de gemeentegrenzen;

 

ten aanzien van preventie:

 

 

het verlenen en controleren van gebruiksvergunningen, het adviseren en controleren bij bouwvergunningen, milieuvergunningen en vergunningverlening op grond van de APV;

 

ten aanzien van preparatie:

 

 

het uitvoeren van oefeningen conform het jaarlijks oefenplan, het opstellen van aanvalskaarten en rampbestrijdingsplannen en het leveren van een bijdrage ten behoeve van het gemeentelijk rampenplan;

 

ten aanzien van repressie:

 

 

het daadwerkelijk bestrijden van incidenten, zoveel mogelijk binnen de gestelde zorg-normen;

 

ten aanzien van nazorg:

 

 

het bieden van relevante zorg aan slachtoffers en hulpverleners, het begeleiden en zorgen voor herstel en het evalueren van het incident overeenkomstig de veiligheidsketen-benadering;

 

ten aanzien van bedrijfsvoering:

 

 

het organiseren van het (vrijwillige) brandweerkorps, de opleiding en bijscholing van het brandweerpersoneel en het onderhoud van het materieel en de huisvesting.

2

Andere dan de onder 1 genoemde werkzaamheden, voor zover deze niet te maken hebben met het wegnemen van onmiddellijk gevaar voor mens en dier, te weten de zogenaamde dienstverlening, kunnen worden verricht overeenkomstig een vastgestelde tarievenlijst.

Artikel 4         Beleidsplan Brandweer en Rampenbestrijding

  1. 1.Het college legt de raad eenmaal per 4 jaar een gemeentelijk beleidsplan brandweer en rampenbestrijding ter vaststelling voor. Er kan ook gekozen worden voor een actualisatie van de relevante gegevens in het bestaande beleidsplan, waarin is beschreven op welke wijze aan de  inhoud van in artikel 3 omschreven taken van de veiligheidsketen uitvoering zal worden gegeven. Het gemeentelijk beleidsplan omvat in elk geval een omschrijving van de taken en de bedrijfsvoering van de gemeentelijke brandweer, de beschikbare financiële en personele middelen, de voertuigen, het materieel, de huisvesting en een (meerjaren) opleiding- en oefenplan. In het plan wordt tevens omschreven hoe de rampenbestrijding in de gemeente georganiseerd is, de beschikbare financiële en personele middelen en een (meerjaren) opleiding- en oefenplan.

  2. 2.De uitwerking van het gemeentelijk beleidsplan vindt plaats in een jaarlijks op te stellen activiteitenplan.

  3. 3.De verantwoording van het gemeentelijk beleidsplan vindt plaats in een jaarlijks op te stellen jaarverslag door de commandant brandweer. Het jaarverslag zal ter kennisname aan de raad worden aangeboden.

Artikel 5         Regionale taken

Naast de in artikel 4, eerste lid, van de Brandweerwet 1985 opgedragen taken, zijn de taken zoals vermeld in artikel 5 van de "Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Noord en Oost-Gelderland" aan de regionale brandweer opgedragen:

de regeling van de operationele leiding bij de bestrijding van ongevallen en rampen en de voorbereiding daarop.

de ontwikkeling van een systeem van integrale kwaliteitszorg van de brandweerorganisatie en de organisatie GHOR in de Veiligheidsregio.

Artikel 6        Personeel

Het beheers ondersteunend personeel van de brandweer bestaat uit tenminste:

één commandant;

één medewerker Operationele voorbereiding;

één medewerker Preparatie.

voor het taakveld Preventie wordt personeel ingehuurd van de gemeentelijke afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en de Veiligheidsregio Noord en Oost Gelderland.

en het personeel van de vrijwillige brandweer bestaat uit tenminste:

twee bevelvoerders in de rang van brandmeester;

vier bevelvoerders in de rang van onderbrandmeester;

dertig brandwachten.

Artikel 7         Opleiding en oefening

Het college draagt zorg voor de opleiding en oefening van het brandweerpersoneel, dat voor de taakuitoefening noodzakelijk is.

Hiertoe wordt een meerjaren opleidingsplan opgesteld, die door het college wordt vastgesteld.

Op basis van de landelijk geldende regelingen wordt jaarlijks een oefenplan opgesteld.

Artikel 8         Instructie commandant

De commandant heeft de algemene leiding en het bevel over de brandweer, overeenkomstig de voor hem door het college vastgestelde instructie.

Artikel 9         Materieel

  1. 1.Het materieel van de gemeentelijke brandweer bestaat ten minste uit:

    1. a.2 st. tankautospuiten, ingericht conform de eisen van het Ministerie van BZK en geschikt voor natuurbrandbestrijding;

    2. b.2 st. personen materieel wagens;

    3. c.2 st.  motorspuitaanhangers;

  2. 2.Het college bepaalt de plaats en de wijze waarop het materieel en de overige goederen van de gemeentelijke brandweer worden ondergebracht.

Artikel 10         Bluswatervoorziening

Het college draagt zorg voor zodanige bluswatervoorzieningen en de bereikbaarheid daarvan, dat de brandbestrijding te allen tijde voldoende gewaarborgd is.

Artikel 11      Citeertitel en in werking treden

  1. 1.Deze verordening kan worden aangehaald als: “Verordening Brandveiligheid en Hulpverlening”.

  2. 2.Deze verordening treedt in werking op de 8e dag na datum van bekendmaking

  3. 3.Op de in het tweede lid genoemde datum wordt de Organisatie- en beheersverordening Brandweer, vastgesteld bij raadsbesluit van 24 februari 1987 ingetrokken.

 

Oldebroek,      .

 

 

, burgemeester.

 

 

 

, secretaris.

 

Verordening brandveiligheid en hulpverlening

Verordening brandveiligheid en hulpverlening (PDF)
Omschrijving: