Disclaimer

De informatie in dit onderdeel vormt geen bekendmaking in de zin van de Gemeentewet of de Algemene wet bestuursrecht. Alleen publicatie in Huis aan Huis, onder de kop Gemeentenieuws Oldebroek, heeft een officieel karakter.

U vindt onderstaand de geldende Algemeen Verbindende Voorschriften (verordeningen) en beleidsregels van de gemeente Oldebroek. In het onderdeel 'Concept regelgeving' vindt u de nog niet vastgestelde versies. Deze concept versies worden gebruikt tijdens de besluitvorming en hebben uitsluitend een informatief doel.

Zoeken in regelgeving

            

Verordening precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen

Voor deze verordening versie is geen samenvatting ingevoerd.

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie Gemeente Oldebroek
Vastgesteld door gemeenteraad
Officiële naam van de regeling Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen 2019
Citeertitel van de regeling Verordening precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen 2019
Onderwerp financiën en economie
Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Geen.
Opmerkingen m.b.t. de regeling Geen.
Betreft (aard van de wijziging) nieuwe regeling
Datum uitwerkingtreding
Datum inwerkingtreding 01-01-2019
Terugwerkende kracht (t/m)
Datum ondertekening 08-11-2018
Bron bekendmaking Gemeenteblad: 04-12-2018
Kenmerk voorstel 1009376

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Gemeentewet, art. 228

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Datum uitwerkingtreding Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
01-01-2019 nieuwe regeling 08-11-2018
Gemeenteblad: 04-12-2018
1009376
01-01-2018 01-01-2019 nieuwe regeling 09-11-2017
Gemeenteblad: 19-12-2017
290943/291480
27-04-2017 01-01-2013 01-01-2014 Art. 3, 1e lid, is met terugwerkende kracht gewijzigd bij de 1e wijziging van de verordening. 20-04-2017
Gemeenteblad: 26-04-2017
112231
27-04-2017 01-01-2017 01-01-2018 Art. 3, 1e lid, is met terugwerkende kracht gewijzigd bij de 1e wijziging van de verordening. 20-04-2017
Gemeenteblad: 26-04-2017
257423/257724
27-04-2017 01-01-2015 01-01-2016 Art. 3, 1e lid, is met terugwerkende kracht gewijzigd bij de 1e wijziging van de verordening. 20-04-2017
Gemeenteblad: 26-04-2017
188406
27-04-2017 01-01-2014 01-01-2015 Art. 3, 1e lid, is met terugwerkende kracht gewijzigd bij de 1e wijziging van de verordening. 20-04-2017
Gemeenteblad: 26-04-2017
138909
27-04-2017 01-01-2016 01-01-2017 Art. 3, 1e lid, is met terugwerkende kracht gewijzigd bij de 1e wijziging van de verordening. 20-04-2017
Gemeenteblad: 26-04-2017
220918/221267
01-01-2017 27-04-2017 nieuwe regeling 10-11-2016
Gemeenteblad 29-11-2016
257423/257724
01-01-2016 01-01-2017 nieuwe regeling 12-11-2015
Gemeenteblad 23-11-2015
220918/221267
01-01-2015 01-01-2016 nieuwe regeling 13-11-2014
Gemeenteblad 19-11-2014
Onbekend.
01-01-2014 01-01-2015 nieuwe regeling 14-11-2013
Huis-aan-huis krant en internet: 3-12-2013.
Onbekend.
01-01-2013 01-01-2014 nieuwe regeling 13-12-2012
Huis-aan-huis krant en internet: 27-12-2012
Onbekend.

     Kenmerk: 1009376

 

 

De raad van de gemeente Oldebroek;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 25 september 2018;

 

gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;

 

B E S L U I T:

 

vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen 2019.

 

Artikel 1 Begripsbepalingen

Deze verordening verstaat onder:

a. maand: een kalendermaand;

b. jaar: een kalenderjaar.

 

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, bedoeld of genoemd in deze verordening.

 

Artikel 3 Belastingplicht

1.     Voor buizen, kabels, draden of leidingen waarvoor op grond van de Gaswet of de Elektriciteitswet 1998 een netbeheerder is aangewezen, wordt de precariobelasting geheven van de door de Minister van Economische Zaken aangewezen netbeheerder. Onder de door de Minister van Economische Zaken aangewezen netbeheerder wordt mede verstaan de op grond van artikel 10, negende lid, van de Elektriciteitswet 1998 en artikel 2, achtste lid, van de Gaswet aangewezen netbeheerder.

2.     In alle andere gevallen wordt de precariobelasting geheven van degene die het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft, of van degene voor wie dat voorwerp of die voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond aanwezig zijn.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

De precariobelasting wordt niet geheven voor het hebben van:

a.     voorwerpen, waarvan de gemeente genothebbende is krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van voorwerpen die in gebruik zijn bij een derde;

b.     buizen in de grond tot aansluiting op het openbaar hemelwaterstelsel, het openbaar ontwateringsstelsel of het openbaar vuilwaterriool.

 

Artikel 5 Maatstaf van heffing en belastingtarief

Het tarief bedraagt € 2,63 per strekkende meter voor het hebben van buizen, kabels, draden of leidingen, met inachtneming van het overigens in deze verordening bepaalde.

 

Artikel 6 Berekening van de precariobelasting

Voor de berekening van de precariobelasting wordt een gedeelte van een strekkende meter als een volledige strekkende meter aangemerkt.

Artikel 7 Belastingtijdvak

Het belastingtijdvak is gelijk aan het kalenderjaar.

 

Artikel 8 Wijze van heffing

De belasting wordt geheven via aanslag.

 

Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

1.     De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, als dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

2.     Als de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak begint, is de belasting verschuldigd over de in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, resterende volledige kalendermaanden. De hoogte van de belasting wordt berekend door het tarief per belastingjaar te delen door twaalf en de uitkomst te vermenigvuldigen met het resterende aantal volledige kalendermaanden.

3.        Als de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat recht op ontheffing van de verschuldigde belasting voor de in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, resterende volledige kalendermaanden, tenzij blijkt dat het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 50,00. De hoogte van de ontheffing wordt berekend door het tarief per belastingjaar te delen door twaalf en de uitkomst te vermenigvuldigen met het resterende aantal volledige kalendermaanden.

4.     Belastingbedragen van minder dan € 50,00 worden niet geheven.

 

Artikel 10 Termijnen van betaling

1.     Een aanslag moet worden betaald binnen zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet.

2.        De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het voorgaande lid gestelde termijn.

 

Artikel 11 Kwijtschelding

Bij de invordering van de precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de precariobelasting.

 

Artikel 13 Overgangsrecht

De "Verordening precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen 2018" van 9 november 2017 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2019. Die verordening blijft echter wel van toepassing op de belastbare feiten die voor die datum hebben plaatsgevonden.

 

Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel

1.     Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.

2.     De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

3.     Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen 2019".

 

Aldus besloten in de openbare vergadering

van de gemeenteraad van Oldebroek

op 8 november 2018.

 

 

     , voorzitter J.F. Snijder-Hazelhoff

 

 

     , griffier J. Tabak.